de weersvooruitzichten!

vrijdag 17 december 2010

woonplaats New York City geëvalueerd

Nu ik 1 jaar in NYC heb doorgebracht, is een evaluatie van mijn nieuwe woonplaats toch wel aan de orde.

Om te beginnen: het blijft een indrukwekkende stad, een stad die voor een planoloog als mij een lust voor het oog blijft. Een dusdanig dynamische stad , een zeer interessante omgeving om vanuit stedenbouwkundig perspectief te observeren. Het uitgekiende laboratorium voor de City Planning student.

Maar er komt natuurlijk meer bij kijken dan een stapel stenen.
De stad biedt een hoge concentratie en diversiteit aan mogelijkheden, er zitten hier bijvoorbeeld zoveel planologische consultingfirma's gevestigd, dat het eigenlijk een ideale plek is om als student wat stage-ervaringen op te doen. Dit geldt natuurlijk niet alleen voor mijn vakgebied. Van vele beroepsvelden is hier het neusje van de zalm te vinden, deze stad trekt talent aan. Daarmee komen velen netwerkmogelijkheden; je kunt hier uiteraard je voordeel mee doen! Dit is toch echt hetgene dat de meeste mensen (van alle uithoeken van de wereld) naar New York brengt, en hetgeen wat de New Yorkse beroepsbevoling aan haar stad bindt: de carriere- en netwerk-mogenlijkheden.

Daarnaast moet ik even het cultuuraanbod van de stad prijzen. Musea te over, evenals kunstgallerijen (niet op de laaste plaats de gallerijen van mijn eigen kunstacademie, het Pratt Institute), goede restaurants, bars, theaters, en ga zo maar door. Je hoeft je hier geen moment te vervelen.

New Yorkers zelf noemen hun stad "The Center of the Universe". Nu moet ik toegeven, dat als ik op Times Square sta, ik toch wel een beetje het gevoel krijg alsof ik op het middelpunt van de wereld sta, de plek waar het allemaal om draait. Het hart van de stad die zichzelf als het epicentrum van de wereld beschouwt. Waar Wall Street het hart van de wereldwijde financiële markten is, is Times Square het hart van de mondiale theaterwereld. Het feit dat de Verenigde Naties in New York gevestigd zijn, verraad toch wel dat New York stiekem de hoofdstad van de wereld lijkt te zijn; de plek waar de dienst wordt uitgemaakt! Als er in de geschiedenis van de Westerse beschaving ooit al 1 stad was die te vergelijken valt met het hedendaagse New York, moet dat toch het Rome ten tijde van het Romeinse Rijk zijn geweest. Leidde vroeger alle wegen naar Rome, tegenwoordig vliegen alle vliegtuigen naar 1 van NYC's 3 vliegvelden!

Maar er is ook een keerzijde van de medaille. New Yorkers tolereren toestanden die in andere, kleinere plaatsen niet geaccepteerd zouden worden, of zelfs helemaal niet voorkomen. De huur is hier "too damn high". Forenzen zitten soms meer dan een uur in de metro om hun werk te bereiken, om nog maar te zwijgen over de massa's mensen in die metro's (wat het maakt dat je dikwijls moet staan). New York is een smerige stad, zeker niet zo schoon als een Nederlandse stad. Troep slingert rond op straat. Ik vraag mezelf altijd af of de mensen hier niet verdomd debiel zijn, hebben die lui dan geen fatsoen troep in de afval containers te gooien? Het blijkt maar weer dat het de meeste New Yorkers niets kan schelen. Verder is de lucht bedorven. Oke, dat laatste is misschien wat overdreven, maar toch maken al die uitlaatgassen van de vele automobilisten in deze stad het leven er niet aangenamer op. Zeker niet als je als fietser tussen die auto's voor jezelf een weg moet zien de banen door de stad. Ook de automobilisten lijken soms allemaal een stel achterlijke debielen te zijn, zelfs in Italie heb ik mensen niet zo gevaarlijk en roekeloos zien rijden (Taxichauffeurs zijn de kampioenen wat dat betreft). Des te meer ben ik op mijn hoede als ik op de fiets stap. Dan is er nog het daklozen probleem van de stad. Je wordt overal om je wisselgeld gevraagd, en zwervers hebben zich deze stad eigen gemaakt. Je ziet ze overal, van de dronken en onbewust geraakte zwervers die op de trappen van metrostations oponthoud verzaken, tot gasten die op bankjes in Central Park slapen. Maakt het toch dat je je af en toe wat onveilig voelt.
Kortom, een hoop "grote stad" problemen. Dat is nou eenmaal de prijs die je betaalt voor het wonen in New York.

Al met al blijft deze stad voor mij de moeite waard om gedurende mijn studietijd hier te ervaren en te bestuderen. Het blijft een stad waar je nauwelijks op uitgekeken kunt raken. Een stad waar je als planoloog een hoop van kunt leren; New York is immers het toonbeeld van efficient ruimtegebruik en een hoge stedelijke dichtheid. Van de vele voorzieningen hier, culturele voorzienigen voorop, maar ik dankbaar gebruik. Ik bouw graag een netwerk op met mede 'city planners', die ik op conferenties ontmoet, of die ik anders via studiegenoten, docenten, en mijn baas leer kennen. Maar, als het moment van mijn afstuderen over precies 1 jaar daar is, weet ik nog niet of ik hier ook echt wil blijven wonen. Op de korte termijn is het een interessante woonplaats, maar ik denk dat het toch niet aan mij besteed is om hier ook op de lange termijn te verblijven.

woensdag 8 december 2010

Veldwerk

Deze week, alsmede het afgelopen weekend, ben ik volop bezig geweest met het huiswerk voor 1 van mijn 4 vakken: History of Architecture and Urban Form I.
Zoals al eerder dit semester, kregen wij onlangs wederom een veldwerkopdracht. Aan ons was de taak bedeelt twee New Yorkse gebouwen te vinden die een bepaalde architectuur stroming vertegenwoordigen. Na de stad te hebben uitgekamt op zoek naar Dorische, Ionische en Korintische gebouwen, mocht ik dit keer opzoek naar een tweetal gebouwen dat de Gotische architectuur belichaamde; van 1 gebouw nam ik het exterieur onder de loep, van het andere gebouw het interieur. Over dat eerste gebouw gaat deze blogepisode.

Het Neo-Gotische gebouw van mijn keuze was het befaamde Woolworth building.


Het typische aan Gotische gebouwen is hun verticale karakter; de Gotische bouwstijl heeft zich in de middeleeuwen ontwikkeld in Europa en werd vooral toegepast in kerken. Met verticale kerkgebouwen probeerden men de symboliek van het Christelijke geloof uit te drukken, want de nadruk lag immers op wat er zich 'daarboven' afspeelde. Met een nauwe, spitse toren hoefde de middeleeuwse stedeling immers slechts te gissen dat de focus van de kerkganger die daarbinnen zat, op de hemel was gericht.
De Gotische bouwstijl heeft in het nogal vertikale New York een geheel nieuw gestalte gekregen. Hier werd in het begin van de 20e eeuw veel in de vertikaal-georienteerde "Neo-Gotische" bouwstijl gebouwd, alhoewel het in deze stad om "Cathedrals of Commerce" ging. Het Woolworth building is daar een perfect voorbeeld van; het gebouw is gebouwd door een zakenman die ervoor $13,5 miljoen neerlegde (in contant geld) zodat hij zijn commerciele emporium een hoofdkantoor kon bieden. Je zou beginnen te vermoeden, dat de commercie in de 20e eeuwse Amerikaanse maatschappij eenzelfde centrale functie in de maatschappij in nam, als het Christelijke geloof in het Europa van de middeleeuwen. Alhoewel het gebouw in eerste instantie opvalt vanwege diens moderne en verticale karakter, zijn het de details die duidelijk maken dat het hier om een Neo-Gotisch gebouw gaat.




Het Woolworth building was in 1913 gereed, en bleef tot 1930 het hoogste gebouw ter wereld (toen een ander New Yorks gebouw, het Chrysler building, die titel overnam). Het Woolworth Building vormt een sterk staaltje architectonisch hergebruik; de verticale intenties van de middeleeuwse Gotische architectuur hebben pas in het 20e eeuwse New York een ware verikale vorm bereikt.
Je ziet echter duidelijk waar de architecten van het Woolworth building hun inspiratie vandaan hebben gehaald. De slanke toren aan de voorgevel van het Woolworth building steekt prominent boven diens 'podium' (oftewel, de rest van het gebouw) uit. Dit houdt toch de herinnering aan een kerktoren die uitsteekt boven de rest van het kerkgebouw levend.



Tot zover deze kunsthistorische beschouwing van het Woolworth building; komend weekend kunnen jullie een nieuwe blog van mij verwachten.

Gegroet!

zaterdag 4 december 2010

Op Excursie

Gegroet,

sinds 17 November heerste er een radiostilte op mijn blog. Er was weinig nieuws, en nauwelijks iets interessants om over te berichten! Bovenal werd er hier hard gestudeerd, aangezien het einde van het Semester is gearriveerd, en de tentamens me om de oren vliegen!

Vandaag heb ik een excursie naar The Cloisters gemaakt met een boel studiegenoten. De excursie is door een docent georganiseerd, en was een onderdeel van het lesprogramma van het vak "History of Architecture and Urban Form". The Cloisters is een kloostercomplex, in het meest noordelijke puntje van Manhattan gelegen (Manna Hatta, de indianen-naam voor het eiland, om in historische termen te blijven spreken).
Specifiek gaat het om een gebouw waarbinnen een aantal Europese kloosters zijn gelegen. Individuele kloosters uit Frankrijk en Spanje zijn hier naartoe gebracht, het gebouw dat eromheen is gebouwd huisvest zodoende diverse authentieke middeleeuwse kloosters. The Cloisters is in 1938 geopent; destijds kocht Rockefeller Jr. de collectie middeleeuwse kunst van een Amerikaanse beeldend kunstenaar, George Grey Barnard, en schonk het vervolgens aan het Metropolitan Museum of Art. Barnard, die in de vroeg-20e eeuw zelf in Frankrijk als kunstenaar werkte, bracht de kunstwerken en kloosters naar de V.S., maar "The Met" beheerde ze sindsdien.



Het complex oogt Romaans, en dat is typisch aangezien het kloosters huisvest die karakteristiek zijn voor de Romaanse (romanesque) architectuur van de 12e en 13e eeuw.


Het eerste klooster wat wij uitgebreid examineerden wat afkomstig uit Saint-Guilhem-le-Désert, in zuidwest Frankrijk. Het klooster lag voor zijn reis naar de V.S. aan de route naar Santiago de la Compostella, die de vele middeleeuwse pelgrims aflegden.




Als Europeaan in het gezelschap moest ik natuurlijk even mijn uniekheid in de groep bevestigen en mezelf beklagen over het feit dat het allemaal erg steriel aanvoelt, en dat het toch een authentiek gevoel mist.

Bijzonder prachtig waren ook de "kapitelen" van de zuilen. Zie hier een kapitel met daarop een afbeelding van de duivel, en een serie van gekettende gevangenen die in de hel beland zijn. Voor de goede orde, dit gedeelte van het klooster was destijds alleen voor de monikken toegankelijk. "Just another reminder to them that they better keep praying!" grapte mijn docente vanmorgen.


The Cloisters zijn een onderdeel van het Metropolitan Museum of Art. Ze huisvesten de collectie middeleeuwse kunst van dat museum.




De beelden hieronder zijn van het klooster van Saint-Michel-de-Cuxa, een in de Franse Pyreneeën gelegen pelgrimsoord.



De buitentuin is toch wel de kroon op het complex.
Daarnaast is het noemenswaardig dat de Rockefeller-familie de grond aan de overkant van de Hudson River ten tijde van de bouw van The Cloisters had opgekocht, om ervoor te zorgen dat het gebied vrijgewaard zou worden van bebouwing. Want, zo was de gedachte, je wilt immers geen uitzicht op hoogbouw hebben vanuit het klooster! Dat past toch niet bij de zogenaamd historische ervaring die The Cloisters willen bieden.




Om het af te leren, nog enkele beelden om mijn fotografische skills te eren.

Beelden van The Cloisters, en van oude Franse kloosters.

Van Gotische kathedralen en van glas-in-lood ramen!







Over 2 weken ben ik trouwens weer in Nederland, om gedurende maarliefst 3 weken even bij te komen van een jaar lang hard studeren!

Tot dan!

woensdag 17 november 2010

Boston

Hi!


Het afgelopen weekend was ik in Boston, op bezoek bij een goede vriend die ik tijdens mijn tijd aan de University of Florida heb leren kennen: de Italiaanse studente Marta, die thans aan Boston University haar master's degrees haalt (twee master's diploma's maarliefst). Een soort van reunie met een oude studiegenote uit Florida dus! Het mooie is, dat zij net als mij na afloop van d'r tijdelijke studieverblijf in Florida, tevens is teruggekeerd naar de V.S. voor een vervolgopleiding. Great minds think alike!




Vrijdagmiddag was ik aangekomen in de stad. 's Middags keek ik wat rond in het centrum, en 's avonds gingen we naar de pub in het kasteel op de BU campus, waar de Graduate Student Association de wekelijkse pubnight hield (zie foto's hierboven). Vervolgens gingen we 's avonds uit eten (wij twee en een hele berg studiegenoten van haar opleiding) in een Chinees restaurant in Boston's Chinatown.


Later die avond, liepen we door 't centrum van de stad, om vervolgens te eindigen in een gezellige kroeg!







Boston is een geweldige stad. Toen ik die vrijdag middag even rondliep in de stad (alvorens Marta op te zoeken), was ik direct onder de indruk. Boston (gesticht in 1630) heeft een historische stadskern en is ouder dan menig Nederlandse stad. Vrijdagmiddag richtte ik me vooral op Downtown Boston en op het waterfront.












Na zaterdag eerst te hebben uitgeslapen, trok ik er met Marta op uit om de overige wijken van Boston te verkennen: Back Bay, Beacon Hill, en natuurlijk the Boston Commons, oftewel het eeuwenoude lapje groen in het hart van de stad (het "central park" van Boston). Je waant je soms echt in een Europese stad in Boston.





Bovenstaande beelden zijn allen genomen aan Newberry Street, de winkelstraat van de wijk Back Bay.


Vervolgens liepen we langs Commonwealth Ave, een brede, parkachtige boulevard die de wijk Back bay doorsnijdt.





"My country is the world- My countrymen are all mankind": een uitspraak waar ik mezelf wel in kan vinden.


De Boston Commons behoren tot de meest geraffineerde stadsparken die ik ooit heb bezocht. De eeuwenlange geschiedenis van het park geeft het echt karakter. Daarnaast doet het park vrij monumentaal aan vanwege de standbeelden van helden van de Amerikaanse Revolutie zoals George Washington. Daarnaast hielp het mooie weer (middagtemperatuur: 15 graden celsius) het park een gezellig druk karakter te geven!









Vervolgens trokken we de eveneens pittoreske wijk Beacon Hill in.











Al met al hebben we die zaterdagmiddag toch behoorlijk wat afgelopen! En ik heb toch alles kunnen zien van Boston, wat ik wou zien!











Na het vallen van de avond keken we nog wat rond op de M.I.T. campus, waar we onder andere een bekend gebouw van de architect Frank Gehry zagen. De campus ligt in Cambridge, aan de andere zijde van de Charles River (aan de noordoever, welteverstaan, terwijl Boston aan de zuidoever light). We liepen over een tweetal bruggen naar (en later van-) Cambridge, en genoten intussen van de spectaculaire gezichten op de skyline van Boston.






Zaterdag avond was 't tijd om wederom uit te gaan, en ging ik naar een discoteek in Cambridge. Naast Marta, waren ook een aantal van haar vrienden aanwezig (veelal studenten van Boston University of van Harvard met een internationale achtergrond). Was toch wel aangenaam haar vriendinnen te leren kennen!


Zondag was een rustig dagje; ik ging met Marta naar de campus van Boston College (de zoveelste campus die ik dat weekend bezocht, Boston is nou eenmaal de universiteitsstad bij uistek). We bezochten het St John's Seminary, en liepen rond in de prachtige, pittoreske, rustige wijk waarin de campus gelegen is.






Tot besluit bezochten Marta en ik de bekende "Emerald Necklace". Dit is een snoer van parken dat rondom het centrum van Boston is aangelegd, om de afvoer van regenwater in de stad te accomoderen. Deze 'groene ketting' om het stadscentrum heen absorbeerd namelijk het vele regenwater dat de stad te voortduren krijgt. Tegelijkertijd trok deze groene ketting vastgoedontwikkelaars aan, die er graag luxe woningbouw aan ontwikkelden. De parken zijn aan het eind van de 19e eeuw aangelegd, en zijn ontworpen door de peetvader van de landschapsarchitectuur, Frederick Law Olmsted.






Rondom de Emerald Necklace zijn ook vele monumentale gebouwen gelegen, zoals kunstmusea (meer recentelijk zijn er ook kantoorgebouwen nabij de Emerald Necklace gebouwd).






Zondagavond hield Marta bij haar thuis een Potluck. Dat is een typisch Amerikaanse traditie: je nodigt dan je vrienden bij jou thuis uit, en iedereen neemt een bepaald gerecht mee. Samen proef je dan van een veelvoud van gerechtjes! Wederom bracht ik een avond met haar en haar vrienden en studiegenoten door, iets waar ik met genoegen op terug kijk.

Al met al was het een fantastisch weekend. Ik was er echt eventjes "helemaal tussenuit"! Niet alleen heb ik de stad Boston kunnen bewonderen, bovenal genoot ik van de reunie met een van mijn beste vrienden! Het was toch goed om elkaar weer eens op te zoeken (ik had haar immers niet meer gezien sinds dat wij allebei uit Gainesville zijn vertrokken in het voorjaar van 2009). Bovenal was het goed om te zien dat wij allebei na verloop van tijd toch dezelfde plannen hebben gemaakt (en uitgevoerd!) om terug te keren naar de V.S., om hier een masteropleiding te gaan volgen. Dat schept een band!