de weersvooruitzichten!

zaterdag 9 oktober 2010

Providence: een planologisch-getint reisverslag

Waarde lezers,

de afgelopen week was ik 3 dagen in Providence te vinden, de hoofdstad van de staat Rhode Island (in de regio New England). De stad ligt zo'n 3 1/2 uur rijden van NYC, en voor vijf dollar heb je al een busticket naar die stad.
Het blijven ontdekken en bezoeken van nieuwe steden is waar het mij uiteindelijk toch allemaal om gaat. Het mooiste van studeren in een ander land, blijft toch de mogelijkheid om, in je eigen tempo, het landt geheel uit te kammen en elke stad die je ooit wou bezoeken, te gaan verkennen. Dat gaat immers een stuk makkelijker als je al ter plaatse zit in de eerste plaats!

Providence, gesticht in 1636, is een klein stadje (de stedelijke agglomeratie is met 1.6 miljoen inwoners ongeveer anderhalf keer zo groot als de stedelijke agglomeratie van Rotterdam). Het was 1 van de 13 oorspronkelijke Britse "colonies" aan de Oostkust van de V.S.

Providence bezit wat ze hier een "fine-grained urban fabric" noemen; oftewel, een fijnkorrelig stedelijk weefsel. Dat houdt in dat de gebouwde omgeving uit veel kleinere korrels bestaat (smalle straatjes, laagbouw tot circa vier verdiepingen, kleine huizen, en bovenal oog voor details). De menselijke maar is toonaangevend. Het tegenbeeld van een stad als Providence zijn de steden in het Amerikaanse westen en zuiden: steden die uit grotere 'korrels' zijn opgebouwd; oftewel, het type stad dat bestaat uit zesbaanswegen, enorme shopping malls, grote vrijstaande huizen, en torenhogen kantoorgebouwen in het centrum. Dat laatstgenoemde type stad is veelal het domein van de automobilist; Car-Oriented Development heet dat hier. Het verschil tussen de twee typen valt terug te traceren naar het tijdperk waarin de stad tot bloei kwam: vrijwel alle steden die in de 19e eeuw (of daarvoor) zijn ontwikkeld hebben tot in zekere mate een fine-grained urban fabric!

Gekenmerkt door een chaotisch, bochtig, kronkelend stratenpatroon; Providence wijkt duidelijk af van de typische Amerikaanse stedelijke morfologie. De stad is gebouwd op 7 heuvels (net als Rome) en wordt doorsneden door een aantal beekjes, rivieren en ligt aan een baai. Voorheen een traditionele industriestad a la Manchester, Providence is tegenwoordig de "creative capital" van New England. De stad telt talloze universiteiten (waaronder Brown University en de Rhode Island School of Design) die veel jeugdige en ondernemende talenten naar de stad hebben gebracht.

Hieronder volgt mijn fototour door de stad. 't Was niet zulk mooi weer, dus jullie moeten maar even door de regen heen kijken!


Het plein waaraan mijn hotel lag, in Federal Hill, de Italiaanse wijk van de stad.



De etalages geven aan dat Halloween er aan zit te komen. Interesante voorgevels en etalages zijn essentieel om het voetgangersverkeer te bevorderen. De Deense architect Jan Gehl heeft een ranking opgestelt om voetpaden te beoordelen: op zijn schaal, die van A tot D loopt, zou deze voorgevel annex etalage zeker een A krijgen. Overigens heeft de voetganger elke 10 meter afwisseling nodig: wie met enige regelmaat een nieuwe voorgevel of een nieuwe etalage te zien krijgt, is nou eenmaal eerder geneigd ergens te gaan wandelen. Meer dan 10 meter continuiteit wordt als saai ervaren door menig voetganger. Wederom geldt dat een intiemer stedelijk weefsel, met elke 10 meter nieuwe visuele stimuli, een grote rol speelt bij het bevorderen van voetgangersverkeer. Wat dat betreft is Providence haast Amerikaans kampioen, met zijn vele zeer gedetailleerd vormgegeven voorgevels en ornamentele architectuur.






Bovenstaande foto's zijn van een wandelpad langs een waterloop in het centrum van de stad.



Providence Place, een overdekt winkelcentrum oftewel een "mall". Waar deze centra doorgaans een horizontale vorm hebben en omringd worden door parkeerplaatsen, is dit gebouw vrij goed aangepast aan de stedelijke context.




We staan hier aan de voet van College Hill.







Typische woningen in de wijk College Hill.



De Rhode Island School of Design, samen met het Pratt Institute 1 van de beste kunstacademies van de V.S.












Meer beelden van de wijk College Hill, het moge duidelijk zijn dat "es sich hier händelt um" mijn favoriete wijk van de stad!

De campus van Brown University was toch wel het hoogstandje van mijn bezoek aan Providence. Ik heb behoorlijk wat campussen bezocht in de V.S. (onder meer die van de University of Florida, Cornell University, Middlesbury College, Dartmouth, Yale, Columbia, Pratt, en nu dus ook Brown en Rhode Island School of Design), elk met zijn eigen charmes. Brown is echter een bijzonder bewonderingswaardig boegbeeld van de traditionele campusplanning.






Samen met 7 andere universiteiten vormd Brown University de Ivy League, de acht beste scholen van de V.S.











Vervolgens ging ik naar Thayer Street, de winkelstraat in het centrum van Federal Hill.




Ik denk dat al die winkels en etalages een vrij goede rol spelen wat betreft het bevorderen van het voetgangersverkeer. Zelfs toen ik er was, op een regenachtige dag, was het er vrij druk. Dessalniettemin laten de etalages en de voorgevels het op visueel (aesthetic) gebied afweten; Jan Gehl zou deze straat een B geven.

Het centrum van de stad was mijn eindbestemming.





De campus van Johnson & Wales University ligt midden in het centrum van Providence.



Terug in het centrum.



De foto hieronder is van de rechtbank van de staat Rhode Island.
























Tot zover deze fotoreportage van 1 van de meest unieke steden van de V.S.
Na het zien van al deze beelden ben je het hopelijk met mij eens dat Providence echt een stad met karakter is!

Commentaar wordt op prijs gesteld!

maandag 4 oktober 2010

NYC: the Greatest, Greenest Big City in the World

Althans, als we zo doorgaan. De stad gaat in elk geval duidelijk de goede kant op (niet in de laatste plaats vanwege het werk van de lokale planners).




<3 NYC

zaterdag 2 oktober 2010

Radiostilte ten einde

Gegroet! Lange stilte hier, u kent het verschijnsel: uitwijkelingen die vol enthousiasme met een blog beginnen, die dan langzaam uitsterft wegens een gebrek aan belangstelling voor het thuisfront, dat toch maar schraal afsteekt tegenover de wonderlijke en zoveel avontuurlijkere nieuwe heimat... Ik hoop dat u me kunt vergeven voor deze vorm van verregaande verwaarlozing! Het is inmiddels zo ver gekomen dat ik de verloren tijd onmogelijk kan inhalen, ik zal dan ook gewoon wat beeldjes plaatsen en me er snel van afmaken :)

De bovenstaande woorden zijn afkomstig van de blog van Miechel, een Belgische student die thans in Duitsland zijn master-graad Stedenbouwkunde behaald. Ik heb de beste man leren kennen toen ik afgelopen Juni met hem samenwerkte aan een masterplan voor de Berlijnse Spree-oevers (dat plan is overigens een joint-venture van studenten afkomstig van Amerikaanse en Duitse universiteiten). Ook hij is, net als mij, een student die in het buitenland zijn heil zocht. Ik kon me dan ook erg vinden in de bovenstaande woorden, en, gezien mijn uitzonderlijk lange radiostitle, achtte ik ze nogal toepasselijk.


Waarschuwing: de rest van deze blog gaat uitsluitend over ruimtelijke ordening. Mocht dit je niet interesseren, dan kan je deze site net zo goed gelijk verlaten ;)

Het is hier weer dynamisch. Om met de studie te beginnen. Ik volg wederom 4 vakken, net als in het afgelopen Spring Semester. Twee verplichte vakken; Advanced Planning Methods en Urban Economics and Public Finance. Wat dat laatste betreft: er zijn maar weinig zaken zo complex als overheidsfinancien. Ik zal er niet over uitwijden (het is immers mijn specialisatie niet), het volstaat te zeggen dat het budget van de overheid nogal zijn stempel drukt op de planningspraktijk (een universele waarheid).
Daarnaast volg ik twee keuze vakken. De eerste is History of Architecture and Urban Form. Een boeiend vak, te meer omdat je je realiseert dat de hedendaagse bouwkunst is "standing on the shoulders of giants". Niets is bijvoorbeeld zo veel gerecycled als de bouwkunst uit de Griekse oudheid. Dorische zuilen te over in het New Yorkse. Neem bijvoorbeeld Federal Hall. In dit historisch significante gebouw, ook wel de bakermat van de Amerikaanse democratie genoemd, nam het eerste Amerikaanse Congress haar zitting in 1765 en protesteerde zij tegen het Britse "Taxation without representation" bestuur. Ook was George Washington hier ingezworen als eerste president van de V.S. (toen New York nog fungeerde als de Amerikaanse hoofdstad). Wat voor een architectuurhistoricus nog interessanter is, is dat de voorgevel van dit gebouw een sterke overeenkomst met de Atheense Acropolis vertoont (hier komen de Dorische zuilen weer om de hoek kijken). Nogal kenmerkend voor een natie die de participatieve democratie hoog in het vaandel heeft staan!



Ook zijn er hier in New York Ionische zuilen te over.
Neem St. Paul's Chapel (d.d. 1766) bijvoorbeeld.


Of het impressieve Brooklyn Museum (d.d. 1897), een van Amerika's grootste kunstmusea.


Goed, ik heb me de afgelopen vijf weken natuurlijk niet uitsluitend met dit vak bezig gehouden. Het tofste vak dat ik dit semester volg, is uiteraard "Bicycle and Pedestrian Planning". Het sluit naadloos aan op wat ik op mijn stage doe: het vak is toegespitst op het aanpassen van de gebouwde omgeving om fietsers en voetgangers te accomoderen. Iets wat nogal mijn intresse heeft. En wat dat betreft zit ik hier op de juiste plaats: New York City heeft in de afgelopen 3 jaar net zoveel fietspaden aangelegd als Kopenhagen (in de ogen van menig Amerikaan 's Werelds fietshoofdstad) de afgelopen 30 jaar gedaan heeft. Nu moet ik hierbij wel even vermelden dat New York City natuurlijk vele malen groter is als Kopenhagen; dessalniettemin blijft New York in Noord-Amerika een toonaangevende stad op het gebied van de "intermodale vervoersplanologie". Langzaam maar zeker wordt in de V.S. (de automobilisten-natie bij uitstek) de automobilist getemdt, en geeft men de o-zo-brede, typische vierbaans Avenues terug aan de voetgangers en de fietsers. Veel Avenues krijgen dan ook een zogeheten "road-diet": van 4 rijstroken naar 2, vervolgens een groenstrook om de fietsers te scheiden van het gemotoriseerde verkeer, en naast het fietspad een verbrede stoep.


Foto: 9th Avenue, na "road diet"


Vergelijk dat eens met Nederland waar dat zogeheten nieuwe kabinet van de heer Rutte zich voorneemt om "supersnelwegen" te gaan bouwen. Daarop zijn ze hier in de V.S. allang terug gekomen: supply creates demand. Bouw meer wegen, en meer mensen stappen in de auto. De planners hier richten zich juist liever op het bevorderen van de alternatieve mobiliteit. They learned that the hard way.

Dessalniettemin blijft fietsen in New York een problematische aangelegenheid. Het promoten van fietsen houdt niet op bij het aanleggen van een fietspad. Het publiek (de niet-fietsers) weet niet hoe ze de voor fietsers bestemde ruimte moeten gebruiken. Vrachtauto's beschouwen het als extra parkeerruimte, taxi's houden er regelmatig pauze, voetgangers lopen er alsof het een verlenging van de stoep is, en zelfs politieauto's parkeren er zo nu en dan. Kortom, het fietsen wordt pas echt aangenaam als al die debielen eindelijk eens de weg vrij maken voor de fietsers!



Naast de studie zat ik ook volop op kantoor, oftewel, ik heb het zekers weer druk op mijn stage. Een volgende keer zal ik het hierover hebben, voor nu vindt ik dit weer even genoeg gebabbel.

Yours Sincerely,

Ron